Bouwstenen

Het programma Stel je voor is gestoeld op de theorie van Cultuur in de spiegel. Deze theorie gaat uit van vier cognitieve vaardigheden, namelijk waarnemen, verbeelden, conceptualiseren en analyseren. Op waarnemen en verbeelden ligt onze focus.

DSC_0260

Op de Wilgenstam

Cognitie
Bij iedere geboorte begint er een nieuw leven. Vanaf dat moment moet deze nieuwe mens zich verhouden tot zijn omgeving en begint het te leren.  ‘Hoe verhoud ik mij tot mezelf en mijn natuurlijke en sociale omgeving en wat is mijn interactie met die omgeving?’ Alle informatie die het verzamelt over die omgeving, over dat leven, en die de kansen op overleven groter en gedifferentieerder maken, wordt opgeslagen in het geheugen. Het geheugen stuurt ons gedrag. Dit noemen we cognitie.
Ergens in de evolutie van de mens is, door de noodzaak van het zien van scherptediepte, de stand van de ogen veranderd. We nemen waar en die waarneming komt door twee ogen hetzelfde binnen, rechts en links. Hierdoor vindt er een verdubbeling van de representatie in het brein plaats. Via de ogen (of een ander zintuig) wordt de actualiteit waargenomen. Deze actualiteit is onbekend en uniek en komt naast de herinnering, het bekende, te staan. Om met dit verschil om te gaan kan de mens verschillende cognitieve vaardigheden inzetten, namelijk waarnemen, verbeelden, conceptualiseren (de taal) en analyseren. Deze cognitie theorie van Barend van Heusden is de grondslag voor Cultuur in de Spiegel.

MAAS cmk_aug03k liggend

Theaterles op De Augustinus

Waarnemen
Kijken en waarnemen via alle zintuigen is een belangrijke bouwsteen van onze lessen. Wie veel opmerkt en waarneemt, krijgt meer bagage, meer geheugen en krijgt dus meer materiaal waar het uit kan putten. Wie goed waarneemt wordt bijna vanzelf nieuwsgierig. En andersom wie nieuwsgierig is neemt meestal goed waar. Goed waarnemen is de bron van creativiteit. Dit geldt voor de leerling, de groepsleerkracht en de vakdocent. In alle lessen is waarnemen een terugkerende vaardigheid. De groepsleerkrachten vragen we als actieve observatoren de lessen bij te wonen. En vanuit een betrokken afstand naar de lessen en hun leerlingen te kijken. Op deze manier kunnen ze de lessen ook monitoren. Kijken en luisteren is ook de starthouding van de vakdocenten. Wat gebeurt er met de leerlingen? Wat kunnen ze aan, wat leeft er, waar zijn ze goed in?

Verbeelden
In de theater- en beeldende lessen ligt de nadruk op ´maken’. We maken tableaus, scenes, korte voorstellingen. We maken schilderijen, tekeningen, en 3D vormen. Hiervoor gebruiken we ons lichaam en voorwerpen waarmee we de mogelijkheden van ons lichaam uitbreiden (pen, kwast). Dit vormgeven en jezelf uitdrukken gaat via het proces van verbeelding. Om tot verbeelding te komen gebruiken we werkvormen die gaan over verzinnen, fantaseren, associëren, voorstellen, inleven en spelen. Hoewel de disciplines theater, dans en beeldend ieder een ander eindresultaat opleveren, ontdekken we steeds meer overeenkomsten in de werkwijze.

IMG_0376

Dit meisje heeft het schilderij begrepen…

Reflecteren
Verbeelding is altijd een vorm van reflectie. Het geeft kinderen de mogelijkheid om stil te staan en vorm te geven aan de wereld om hen heen. Dat is de wereld dichtbij (school en familie) en de wereld verder weg (de maatschappij). Door ze uit te dagen, te verrassen en te verwarren oefenen we hun nieuwsgierigheid. Hierdoor worden ze zich bewust van wie ze zijn en wat ze doen in relatie tot de wereld waarin ze leven. Ze ontwikkelen een cultureel bewustzijn. In reflectieve momenten dagen we de leerlingen uit dit ook in taal te benoemen. Wat vind je, wat voel je? Wat vond je mooi en wat niet? Daarbij dagen we ze altijd uit om woorden te zoeken die verder gaan dan stom en leuk.

Stellen van vragen
De weg van ‘maken’ ontrolt zich bij de drie disciplines op dezelfde manier. We houden van vragen stellen. We creëren een sfeer waarin er geen foute antwoorden bestaan. Kinderen durven zich daardoor steeds meer te uiten. Ze krijgen vertrouwen in eigen fantasie en durven op onderzoek uit te gaan. We vragen door, waardoor een onderwerp op meerdere manieren bekeken wordt. Zo ontstaat er een verbreding van hun perspectief.

DSC_0193

Beeldend en theater op De Wilgenstam

Eigenheid van het kind
Alle kinderen spelen en tekenen van nature. Via spel drukken ze zich uit, ze spelen rollen (vader en moeder) en met potlood krassen ze hun eerste indrukken op papier. In de beginjaren van het onderwijs wordt daar veel tijd voor ingeruimd. Met het klimmen van de leerjaren wordt de verbeelding door druk van de cognitieve vakken langzaam ondergesneeuwd. Zowel de theater-, dans- als beeldende lessen hebben tot doel deze fantasie weer tot leven te krijgen. We willen de kinderen aanspreken op hun creatieve vermogen. Deze is bij elk kind aanwezig. Terwijl theater en dans aanspraak maken op de expressiviteit van het kind, een beweging naar buiten, ontstaat er bij beeldend meer een beweging naar binnen. Je verhoudt je tot het papier, de klei of het doek. In het onderwijs is het fijn dat beide talenten worden aangesproken. In het zoeken naar synergie proberen we beiden bewegingen samen te voegen en af te wisselen.

Gebruik van het fysiek
We leren de kinderen bewust hun lichaam en stem in te zetten en te beheersen in allerlei verschillende vormen van presentatie. In de lessen worden de kinderen uitgedaagd te bewegen, niet op een sportieve manier maar bewegen met een intentie, met een gevoel. Begrippen, gevoelens en personages worden gevormd met het lichaam en de stem, omdat het lichaam soms meer voelt en kan verbeelden dan je als kind kunt zeggen. Dit heet ‘embodied leren’, lees er meer over in het essay van Dorien Folkers.
Ook de lessen beeldend hebben grote connectie met het fysieke. Om een eiland te tekenen kies je een lichaamsdeel en trekt dat over op papier. Om de zee te schilderen beweeg je de kwast zoals het water (stormachtig , kabbelend, windstil). Of je plakt de stempels die je hebt gemaakt onder je schoenen en loopt met deze stempels op allerlei verschillende manieren over lange stroken papier. Tekenen en schilderen vanuit muziek spreekt een emotionele onderlaag aan, die vaak nog geen woorden kent.

MAAS cmk_schalm05k

Dansles op De Schalm

Sociale vaardigheden
Groepen in het basisonderwijs kennen een levendige groepsdynamiek. Deze vraagt altijd aandacht. Spelenderwijs komen in de theater-, dans- en beeldende lessen de sociale vaardigheden langs. Kijken en luisteren, respect hebben voor eigen en andermans werk en samenwerken. De kinderen zijn heel goed en snel in oordelen over de ander. In de lessen leren we hen dit snelle oordeel uit te stellen of in ieder geval af te zetten tegen positieve feedback.

Klik hier voor meer informatie over Cultuur in de spiegel.